Vrouwen op de bok

HomeblogVrouwen op de bok

Vrouwelijke dirigenten in de spotlights

Misschien heeft u op zondag 11 november de uitzending van Podium Witteman gezien? Daarin werden niet alleen enkele Edisons Klassiek uitgereikt, maar konden wij ook genieten van enkele live optredens. Waaronder het tv-debuut van Corinna Niemeyer, de kersverse assistent-dirigent van het Rotterdams Philharmonisch Orkest (RPhO). Zij dirigeerde ‘haar’ orkest dat de Edison Klassiek Publieksprijs in ontvangst mocht nemen.

Tot voor kort lukte het vrouwelijke dirigenten nauwelijks om tot de top van de ‘wereldranglijst’ van belangrijkste dirigenten door te dringen, maar de laatste jaren zien wij gelukkig steeds meer vrouwen op de bok verschijnen.

Dit jaar benoemde het Radio Filharmonisch Orkest voor het eerst in de Nederlandse geschiedenis een vrouwelijke chefdirigent, Karina Canellakis, en ook de onlangs uitgebrachte film ‘De dirigent’ zette vrouwelijke dirigenten extra in de spotlights.

 

Film De dirigent (2018)

De film ‘De dirigent’ is gebaseerd op het waargebeurde verhaal van de Nederlandse dirigente Antonia Brico. Eind jaren ’20 van de 20e eeuw was zij de eerste vrouwelijke dirigent ter wereld. Zij leidde grote orkesten in de Verenigde Staten en Europa, maar in Nederland was ze niet zo bekend. Daar is dankzij  ‘De dirigent’ van Maria Peters, die vorige maand in première ging, inmiddels verandering in gekomen.

Antonia Brico werd in 1902 in Rotterdam geboren als kind van een Italiaanse pianist en een jonge Nederlandse vrouw, een tienermoeder. Ze werd geadopteerd en haar adoptieouders namen haar zes jaar later mee naar San Francisco, zo ver mogelijk van haar biologische moeder vandaan, die haar was gaan zoeken. Ze had muzikaal talent, maar wilde iets onmogelijks: dirigent worden. Begin 1930 debuteerde ze toch, als dirigent van het Berliner Philharmoniker, in die tijd een van de beste orkesten ter wereld.

Ook voor regisseur Maria Peters was ze een volslagen onbekende. Totdat ze begin deze eeuw een documentaire over Brico zag. En zij vertelt: "Ze is een Nederlandse. Deze dame had het ver geschopt in haar tijd. Ze had een tragische jeugd gehad in Amerika, gaat later in Nederland op zoek naar haar familie. Als gastdirigent van vooraanstaand orkesten kreeg ze mooie kritieken. Meer was haar niet gegund".

Ouderwetse opvattingen

In het boek The Maestro Myth (1991) beschrijft Norman Lebrecht de moeilijke positie van vrouwen, homoseksuelen en niet blanke mensen die het vak willen uitoefenen. Een bekend voorbeeld van ouderwetse opvattingen is de getalenteerde dirigent Frieda Belinfante. In Nederland kwam ze niet aan het werk, omdat ze vrouw was en in de Verenigde Staten werd ze in 1954 weliswaar als eerste vrouw ter wereld vaste dirigent van een professioneel orkest, maar werd ze ook weer ontslagen – naar eigen zeggen vanwege haar lesbische geaardheid.

Frieda Belinfante

Frieda Belinfante

Jorma Panula

Er wordt regelmatig beweerd dat de voor een dirigent vereiste eigenschappen typisch mannelijk zijn, zoals ‘een fysiek overwicht’. Sterker nog, Jorma Panula (1930), de legendarische Finse pedagoog die veel grote dirigenten van tegenwoordig heeft opgeleid, beantwoordde de hem enkele jaren geleden gestelde vraag ‘of vrouwen kunnen dirigeren’ met: “Absoluut niet…. Vrouwen kunnen het proberen, maar het is echt anders. Ik zie ze hun best doen, zweten, hun gezicht betrekken, maar het wordt er alleen maar slechter van; het is puur een biologische kwestie”. Dat velen er nog altijd een traditionele mening over het dirigentenvak op na houden, bewezen ook andere boute uitspraken. De jonge dirigent Vasili Petrenko (1976) bijvoorbeeld beweerde dat “een mooie vrouw voor het orkest de musici alleen maar afleidt”. En de directeur van het Parijse conservatorium, zei dat dirigeren “niet te combineren valt met het moederschap”.

Jorma Panula

Jorma Panula

Barbara Hannigan - een fenomeen op de bok

Een fenomeen op de bok is natuurlijkde Amsterdams-Canadese Barbara Hannigan (1971), die al vaak in een uitverkocht Concertgebouw in Amsterdam dirigeerde. Zij reageerde geschokt op de uitspraken van Panula. “Maar ik heb hem zaterdag mijn antwoord gegeven, door 'mannenmuziek' te dirigeren”. “We moeten een nieuw 'normaal' creëren”, vindt Hannigan, “zodat kinderen al zien dat het gewoon kan”. Het bijzondere aan haar is dat zij niet alleen een geweldige sopraan is maar ook een maestra die écht is doorgebroken. De Nederlandse pers stak de lof over haar niet onder stoelen of banken: “In een unieke dubbelrol van sopraan en maestro overrompelde ze het publiek met een revolutionaire dirigeertechniek. Niet met de gebruikelijke maaibewegingen, maar met vloeibare, als van een danseres en zonder stokje, bracht ze samen met het Ludwig collectief haar toehoorders in vervoering”.Niets minder dan een mirakel” en “Dit doet geen man haar na”, oordeelde Het Parool, dat haar net als de Volkskrant met vijf sterren beloonde. Hannigan dirigeerde muziek van onder andere Stravinsky, door Panula in dat interview nog ‘mannenmuziek' genoemd: ritmisch complex en bombastisch….

Barbara Hannigan

Barbara Hannigan

Opleiding tot dirigent, directie studeren en de praktijk

Ook al mogen ze het inmiddels wel, op de Nederlandse dirigentopleidingen melden vrouwen zich nog altijd minder vaak aan dan mannen. Maar, als vrouwen dan eenmaal de stap hebben genomen om directie te studeren en zijn afgestudeerd, stuiten ze op de orkestwereld, een bastion van tradities, zeker in Europa. Lang waren de instrumentalisten allemaal mannen, in Wenen zelfs nog tot de jaren negentig. Vrouwen werden niet toegelaten. Inmiddels is de verhouding in het orkest bijna gelijk, deels dankzij de invoering van audities achter een scherm. Maar voor dirigenten kan dat niet. Maestro's hebben een bijna goddelijke status in het klassieke bastion. De poule met namen waar orkesten uit selecteren is klein. Weinigen stoten door naar de top, mannen net zo min als vrouwen. De keuze wordt gemaakt door de directie van een orkest, meestal de artistiek directeur, en ook in Nederland zijn dat bijna allemaal mannen.

 

Het KCO en Het Concertgebouw

Bij het Koninklijk Concertgebouworkest leidde de eerste vrouw pas in 2006 een volledig programma; dat was de Amerikaanse Marin Alsop (57), de Aletta Jacobs van de klassieke muziek. Zij was voor talloze orkesten de 'primeur'. Alsop, die een krachtige, strakke armtechniek heeft, zei in een interview dat je niet zomaar Herbert von Karajan kunt nadoen, omdat je dan als bazig en drammerig wordt beschouwd. Maar er stonden bij het KCO eerder vrouwen op de bok. De eerste was de toen 19-jarige Belgische Juliette Folville, die in 1890 haar eigen compositie kwam leiden. Ook componisten Catharina van Rennes (in 1905 en 1915) en Cornélie van Oosterzee (in 1898) dirigeerden eigen werk. De eerste vrouw in de geschiedenis met een eigen orkest was de al eerder genoemde Nederlandse Frieda Belinfante, die op uitnodiging van het Concertgebouw in 1937 Het Klein Orkest oprichtte, waarvan zij dirigent en artistiek leider was. Met de Tweede Wereldoorlog verdween deze vooruitstrevendheid in Nederland. Het Koninklijk Concertgebouw legt in zijn programmering van dit seizoen het accent op vrouwelijke dirigenten en componisten. Zo keert Barbara Hannigan terug, neemt Mirga Gražinyté-Tyla voor haar Concertgebouwdebuut haar City of Birmingham Symphony Orchestra mee, waarvan zij chef-dirigent is, en ook Susanna Mälkki leidt haar ‘eigen’ Helsinki Filharmonisch Orkest.

Susanna Mälkki (foto: Sakari Viika)Susanna Mälkki (foto: Sakari Viika)

Grote dirigentes van dit moment

Wie zijn nu de bekendere vrouwelijke dirigenten van dit moment? Natuurlijk Marin Alsop, dé grote wegbereider. Met haar Taki Concordia Fellowship helpt ze ook in financiële zin vrouwen naar de orkesttop. Susanna Mälkki, Finse dirigente, die een Bruckner-cyclus en Wagners gehele Ring des Nibelungen op cd opnam in Hamburg. Xian Zhang, een Chinese, die in ons land ondermeer het KCO, het RPhO en Nationaal Jeugdorkest dirigeerde. Simone Young, een Australische, de eerste vrouw die de Wiener Staatsoper dirigeerde in 1993. En natuurlijk is het muziekminnend publiek ook heel blij met de benoeming van Karina Canellakis. Voorts zijn er twee opkomende sterren, Joana Mallwitz en Elim Chan. Joana Mallwitz is met ingang van seizoen 2018-2019 dirigent van het Staatstheater in Nürnberg. Elim Chan is dit jaar benoemd als chef-dirigent in Antwerpen en maakt dit jaar haar debuut bij het KCO.

 

Karina Canellakis, de nieuwe chef-dirigent van het Radio Filharmonisch Orkest.

Zij zal per 1 september 2019 voor tenminste vier jaar aan het orkest verbonden zijn en volgt in deze rol Markus Stenz op. Karina Canellakis maakte in maart jl. een uitzonderlijk debuut met het Radio Filharmonisch Orkest in Utrecht en Amsterdam, met werken van Britten, Sjostakovitsj en Beethoven. Haar concerten blonken uit in spontaniteit én verdieping, gekoppeld aan orkestrale schoonheid en perfectie. Na afloop van deze concerten klonk bij veel musici de roep om haar als chef-dirigent aan te stellen. Canellakis zal in het seizoen 2019-2020 vijf producties voor haar rekening nemen. In de volgende drie seizoenen zal zij tien producties per jaar gaan leiden. De benoeming van Karina Canellakis is de eerste benoeming van een vrouwelijke chef-dirigent bij een Nederlands symfonieorkest.

 Karina Canellakis

Karina Canellakis

Welkom Corinna Niemeyer!

Afgelopen weekend bracht het Rotterdams Philharmonisch Orkest het nieuws naar buiten dat de jonge Duitse dirigente Corinna Niemeyer is benoemd tot assistent dirigent. In september waren de audities. Orkestleden en huidige chef-dirigent Lahav Shani mochten stemmen en uit die stemming bleek een duidelijke voorkeur voor Corinna Niemeyer. Niemeyer zal de chef-dirigent van het Rotterdams Philharmonisch Orkest bijstaan, door bijvoorbeeld tijdens de repetitie in de zaal mee te luisteren, of door met het orkest te repeteren. Meestal werkt een assistent dirigent op de achtergrond – hopende op het belangrijke moment waarop plotseling een vervanger nodig is. Bij Corinna Niemeyer is dat niet nodig. Het publiek kan haar dit jaar nog in actie zien tijdens een familieconcert op zondag 9 december in De Doelen in Rotterdam.

Corinna Niemeyer

Corinna Niemeyer

Coda                                     

U zult zich misschien afvragen: hoe zit het nu met jou zelf, Wouter? Welnu, tot mijn grote spijt moet ik erkennen dat ik tijdens mijn meer dan professionele orkestenloopbaan als violist en altist (1987-2014) slechts één maal onder een vrouwelijke dirigente heb gespeeld. En ik zal het maar eerlijk vertellen: zij was hoogzwanger en dat leidde mij (en ook mijn vrouwelijke collega’s) ontzettend af ….Ze ging toch niet op de bok bevallen?! Het lijkt in ieder geval of Nederland bezig is met een inhaalslag voor wat betreft het contracteren van vrouwelijke dirigenten.

 

Wilt u graag reageren op deze blog gebruikt u dan onderstaand formulier of bel ons op 070-3191929.

Brochure aanvragen